vrijdag 31 december 2010

Paul Valery ziet zijn aantekeningen als 'tamelijk willekeurige tussenstanden van een proces dat onbeperkt kan worden opgepakt, voortgezet, veranderd, tenietgedaan'. Een geweldige gedachte, vind ik, al zie ik veel citaten van hem toch als een kunstwerk op zich (met sokkel en al enzo)

donderdag 30 december 2010

(ik dacht het daarnet mooier - of leek dat alleen maar zo omdat ik er geen woorden aan gaf?)

dinsdag 28 december 2010

'Al deze droefenis en innerlijk wringen! Deze tegen zichzelf gerichte razernij en wroeging, deze innerlijke verwarring, deze blikken en zuchten - Alles wat geen afronding toestaat, wat we niet tot een afdoende einde kunnen brengen, onze macht is er niet toe in staat'. (Paul Valery)

zondag 26 december 2010

woensdag 22 december 2010



'Dibbets'-poging 1
Volgende keer niet meer belichten met een bouwlamp dus......

zondag 19 december 2010

‘Een flard muziek of droom, iets wat me bijna laat voelen, iets wat me niet meer laat denken'. (Pessoa)
Soms, wanneer ik een rok uit doe laat deze een cirkel achter op de vloer.

donderdag 16 december 2010

woensdag 15 december 2010




(of deze?)

zondag 12 december 2010

'Iedere handeling is onvolledig en onaf. Het gedicht dat ik in mijn dromen bedenk, vertoont pas gebreken als ik het op papier zet'. (uit Boek der rusteloosheid van Pessoa)

vrijdag 10 december 2010


‘Om de werkelijkheid aan te duiden, gebruikt het boeddhisme het woord sunya, de leegte; maar beter nog: tathata, het feit dusdanig te zijn, zo te zijn, dát te zijn; tat betekent in het Sanskriet dat en kan doen denken aan het gebaar van het kleine kind als het iets met zijn vinger aanwijst en zegt: Ta, Da, Dat! Iedere foto is de uitkomst van dat gebaar; dat, zegt de foto, dat is het, zo is het! maar verder niets’. (Roland Barthes)

donderdag 9 december 2010

‘Ik kom Charis tegen en zeg: ‘Mijn leven is alleen maar een opeenvolging van allemaal nutteloze gebeurtenissen, et cetera, et cetera’. En ze zegt:’Dat komt doordat we met onze ogen knipperen’. Ze zegt: ‘Onze hersenen gebruiken het knipperen om de dingen te verwerken en te structureren. Net zoals slapen. Het zijn de leestekens van onze gedachten’.Ze zegt: ‘Natuurlijk knipperen we om onze ogen nat te houden, maar daarvoor hoeven we maar één of twee keer per minuut te knipperen. Maar elke keer als we met een gedachte klaar zijn, of klaar zijn met kijken naar iets, zijn dat de momenten waarop we knipperen. Onze hersenen hebben het nodig, Echt waar. Zoek het maar op. Het is wetenschappelijk.’Ze zegt: ‘Ze hebben experimenten gedaan met mensen zodat ze niet hoefden te knipperen en het ook niet konden en uiteindelijk werden al deze mensen gewoon gek. Precies zoals mensen die lang niet slapen. Je geest kan het gewoon niet aan. Je geest moet de wereld in kleine opgeknipte stukken zien. En als je de wereld als één groot ding probeert te zien, word je gewoon gek.' (Uit: Vogels die vlees eten van Thijs de Boer)

woensdag 8 december 2010




Installatie voor 'het oog van de camera' (in wording....)

dinsdag 7 december 2010

Met het toekomstige is hij bezig die iets wil, iets verwacht. Maar het is misschien niet juist daarmee bezig te zijn. De veelgehoorde klacht, dat de mensen vanwege het toekomstige het tegenwoordige vergeten, is misschien niet zonder grond. Wij willen niet ontkennen, dat dit in de loop der geschiedenis het geval is geweest. Maar we willen ook niet nalaten erop te wijzen, dat het juist de grootheid van de mens is, het bewijs van zijn goddelijke afkomst, dat hij zich daarmee bezig kan houden. Want als er geen toekomst is, noch verleden, dan is de mens geknecht als een dier, zijn kop gebogen naar de grond, zijn geest gevangen in slavernij aan het moment. In deze zin kan men het toch niet wensen in het heden te leven; in deze zin heeft men het niet bedoeld, toen het aanbevolen werd als iets groots. Maar waar zullen wij de grens dan trekken? In hoeverre kunnen we ons met de toekomst bezighouden? Het antwoord is niet moeilijk, eerst als wij haar overwonnen hebben, kunnen wij ons op het heden terugbuigen, eerst dan krijgt ons leven daarin betekenis. Maar dat is toch onmogelijk? De toekomst immers is alles, het heden is er een deel van. Hoe kunnen wij nu het geheel overwonnen hebben voordat wij aan het eerste deel zijn toegekomen?(...) Hij die de toekomst totaal opgeeft, leeft slechts op onwaardige wijze hevig in het heden. Hij die de toekomst niet overwint, krijgt er nog een vijand bij, die hem verzwakt in zijn strijd met het heden, pas hij, die haar overwonnen heeft, zal gezond en hevig leven in het heden. Wanneer dus een mens met de toekomst strijdt, dan leert hij, hoe sterk hij ook moge zijn, dat er een vijand is die sterker is dan hij: namelijk hijzelf. Er is een vijand die hijzelf niet overwinnen kan, namelijk zichzelf. (Uit dagboeknotities van Kierkegaard)

zaterdag 4 december 2010

vrijdag 3 december 2010

Volgers